“Iedere patiënt heeft het recht om mee te doen aan onderzoek.”
Al 25 jaar is kinderarts Peter de Winter verbonden aan het Spaarne Gasthuis. Als decaan wetenschap combineert hij patiëntenzorg, opleiding en onderzoek. Juist die combinatie geeft hem energie. “Je staat met één been in de klei en met het andere denk je mee over innovatie en topklinische ontwikkeling. Dat houdt je scherp.”

Foto: Jean-Pierre Jans
Van bouwen naar keuzes maken
Toen De Winter twaalf jaar geleden decaan werd, stond het ziekenhuis midden in een fusie. “We hebben twee culturen samengebracht tot één leerhuis. Als je nu terugkijkt, staat er echt iets.”
De wetenschap groeide in fases. Eerst het bundelen van bestaande initiatieven, daarna het versterken van principal investigators (PI’s). Inmiddels zijn er vijftien PI’s actief, ondersteund door een wetenschapsteam en sinds kort ook een subsidiebureau.
“De volgende fase vraagt iets anders,” zegt hij. “Niet alles tegelijk doen, maar bewuster kiezen. Welke vragen passen bij onze regio? Waar hebben patiënten hier echt iets aan? Iedereen moet onderzoek kunnen doen, maar je moet ook durven prioriteren.”
Een ontwikkeling waar hij trots op is, is de opkomst van verpleegkundig onderzoek. “Dat verbreedt het perspectief en versterkt de organisatie.”
Samen sterker binnen STZ
Binnen de Samenwerkende Topklinische Ziekenhuizen ziet De Winter duidelijke vooruitgang. “We hebben elkaar veel beter gevonden. Het decanenoverleg werkt, we leren van elkaar.”
Toch ligt er volgens hem een volgende stap: gezamenlijke focus. “Kijk waar thema’s elkaar raken. Kies een aantal onderwerpen waar je landelijk samen in optrekt, bijvoorbeeld in subsidieaanvragen. Daar zit kracht.”
Ook de zichtbaarheid van topklinische expertisecentra kan volgens hem beter. De Winter ziet dat de betekenis van TECS ook lang niet altijd helder is. “Veel professionals weten niet precies wat een TEC inhoudt. Voor patiënten geldt dat nog sterker.” Volgens hem ligt daar een duidelijke opdracht voor STZ: zorgen dat topklinische expertise beter vindbaar en begrijpelijk wordt.
Over de STZ‑visitatie is De Winter uitgesproken. De waarde zit voor hem niet in afvinken, maar in het gesprek dat ontstaat. “Het dwingt je om stil te staan bij waar je staat en waarom je doet wat je doet.”
In het Spaarne Gasthuis hielpen visitaties om onderwijs en wetenschap beter te verankeren. Hij ziet binnen STZ ruimte om dat verder te verdiepen, met meer aandacht voor uitwisseling en met cliëntenraden nadrukkelijk aan tafel.
Terug naar de kern: de patiënt
Want wat voor De Winter altijd bovenaan staat, is kwaliteit van patiëntenzorg. “Innovatie, wetenschap en onderwijs zijn belangrijk, maar ze zijn geen doel op zich.”
Zijn stellige overtuiging: “Iedere patiënt heeft het recht om mee te doen aan onderzoek. Onderzoek hoort bij goede zorg.” Daarom pleit hij voor meer betrokkenheid van patiënten, ook binnen STZ-verband. “We praten veel met elkaar. Laten we nog vaker het perspectief van de patiënt centraal zetten.”
Trots en verantwoordelijkheid
De Winter is uitgesproken over wat STZ hem heeft gebracht. “Ik had dit werk nooit zo lang volgehouden zonder STZ. De visitaties, het leren van andere ziekenhuizen, het samen bouwen; dat geeft energie.”
Zijn boodschap aan vakgenoten is nuchter en duidelijk: wees trots op wat er staat, maar blijf kritisch op de kern. “Wij staan voor goede patiëntenzorg, versterkt door onderzoek en ontwikkeling. Dat moet je niet alleen zeggen, dat moet je elke dag waarmaken.”